“Vroeger wou ik Rode Ridder worden, de ridder die opkomt voor de zwakken en onderdrukten. Wereldverbeteraar sprak me ook aan en nu ik zingevingscoördinator bij het ACW ben, kan ik de wereld verbeteren.” Dat zegt de nieuwe ACW-zingevingscoordinator, Wim Vandewiele. Hij is 32 jaar, socioloog en gehuwd. “En ik hoop dat iedereen opnieuw de wereldverbeteraar in zich vindt.”
“Ter voorbereiding van mijn job bij ACW las ik de pauselijke encycliek Rerum Novarum. 120 jaar geleden schreef paus Leo XIII deze encycliek. Ik vroeg me af of deze encycliek nog wel iets te betekenen heeft vandaag.”
Rerum Novarum ("Van nieuwe dingen") betekende de start van de christelijke arbeidersbeweging. Daarom wordt op Hemelvaartsdag de pauselijke encycliek herdacht. Wat 1 mei is voor de socialisten, is Rerum Novarum voor de christelijke arbeidersbeweging."
Heeft de encycliek Rerum Novarum nog iets te betekenen?
Wim Vandewiele: “Je mag niet vergeten dat de paus dit schreef naar aanleiding van de problemen van de arbeiders in die tijd. We spreken van de jaren 1880, een periode met volop industriële activiteiten met werknemers die in slechte arbeidsomstandigheden werkten. En de grootste bedreiging voor de Kerk ging toen uit van de socialisten, die daar wél een antwoord op formuleerden.
De pauselijke encycliek verbaasde me eerlijk gezegd wel. Ik had niet gedacht dat er zo’n radicaliteit in de teksten zou steken.”
Op welke manier?
Wim Vandewiele: “Niettegenstaande de sterke verbondenheid tussen de Kerk en het patronaat, gaat de encycliek de mistoestanden niet uit de weg. Ze dekt ze niet toe. De oplossing van die wantoestanden ligt in de verantwoordelijkheid van de Kerk, van de arbeiders en van het patronaat. Samen hebben ze de verantwoordelijkheid om het onrecht en het misbruik aan te pakken. Behoorlijk revolutionair toch.
Ook vandaag dragen we met zijn allen de verantwoordelijkheid voor de kwaliteit van leven en samenleven. We hebben de neiging om onze verantwoordelijkheid uit te besteden, aan het onderwijs, de politie, de gemeente. Bovendien laten we ons voor alles en nog wat verzekeren. Daardoor onderschatten we onze kracht om dingen zelf aan te pakken.”
Lees je nog andere grote levenskwesties in de pauselijke encycliek?
Wim Vandewiele: “De encycliek spreekt ook over privé-eigendom bereikbaar voor de arbeider. Hij moet kunnen sparen voor een huis, voor een toekomst voor zijn gezin. Iedereen heeft recht op bezit en op de vruchten van zijn grond, dat zegt de encycliek. Vertaald naar vandaag roept dat ook vragen op over duurzaamheid. Hoe gaan we om met onze grond? Hoe zorgen we ervoor dat iedereen recht heeft op zijn stuk van de grond? Dat is een oproep om vragen te stellen bij de draagkracht van de aarde.”
Is de encycliek niet vooral een katholiek verhaal?
Wim Vandewiele: “Rerum Novarum geeft ook aan dat er vanuit de christelijke waarden alternatieven zijn voor de problemen van de samenleving. Toen was de Kerk alomtegenwoordig en was de samenleving eenvoudiger georganiseerd. Je boodschap poneren is vandaag moeilijker dan vroeger. Mijnheer pastoor op de kansel heeft niet altijd zomaar gelijk.
Maar vanuit je eigen christelijke identiteit kun je wel antwoorden formuleren. Door dat te doen hoef je niet terug te plooien op de klassieke structuren van de Kerk. Die christelijke waarden staan ook op zich. Het gaat er niet om gelijk te hebben, maar iedereen als gelijke te behandelen. Het uitgangspunt is: wie bereikt onze samenleving niet, wie valt uit de boot? Dat zijn de mensen om wiens lot we ons bekommeren.”
Liggen mensen nog wakker van religie?
Wim Vandewiele: “We zijn het niet gewoon om over religie, ideologie, zingeving en geloof te praten. Dat was vroeger niet anders, alleen werd je toen gedicteerd wat zin gaf aan je leven. Vandaag moet je dat grotendeels zelf uitzoeken. We missen de taal en de ruimte om daarover met elkaar van gedachten te wisselen. En toch gebeurt het vandaag al.
Het is mijn overtuiging dat we deze plaatsen waar we aan zingeving doen, moeten versterken. Een KAV-afdeling die samen naar een tentoonstelling gaat en zoekt naar allerlei manieren om iedereen daar mee naartoe te krijgen, doet ook aan zingeving. Mensen die samen fietsen en zo vertellen over hun gezin en wat hen bezighoudt, hebben de taal om over de zin van hun leven te praten. Vrijwilligers die zich al dertig jaar lang met hart en ziel inzetten voor hun organisatie, voelen wel wat belangrijk is voor hen. Voor deze momenten moeten we tijd maken.”
Katrien Vandeveegaete
U kan het artikel ook nalezen op de website van het ACW via deze link.